 |
| |

Deelnemers aan trainingen bij the Human Academy kunnen als particulier gebruik maken van aftrek voor scholingsuitgaven in hun aangifte
inkomstenbelasting.
Scholingsuitgaven zijn kosten voor een door hem/haarzelf of de partner gevolgde opleiding c.q. studie met het
oog op het verwerven van inkomen uit werk.
Doel van de opleiding of studie moet zijn:
| · |
het verbeteren van de eigen financieel-economische positie |
| · |
of het op peil houden of verbeteren van de kennis en vaardigheden die men nodig heeft om inkomen uit arbeid te verwerven of te behouden. |
Voor aftrek als scholingsuitgaven komen in aanmerking:
| · |
deelnamekosten zoals lesgeld, cursuskosten e.d. |
| · |
kosten van studieboeken, leermiddelen en schrijfmateriaal. |
| · |
afschrijving op zaken die voor de studie werden aangeschaft en waarvan mag worden aangenomen dat ze langer dan een jaar meegaan.
Voor computers en randapparatuur geldt een levensduur van drie jaar en een restwaarde van 10%; |
| · |
overige kosten die in causaal verband staan met de opleiding/studie (telefoon-, porti- en kopieerkosten). |
Van aftrek zijn uitgesloten:
| · |
uitgaven voor een opleiding/studie als hobby of uit persoonlijke interesse. |
| · |
uitgaven waarvan geen duidelijk (direct) verband bestaat met de opleiding/studie. |
| · |
uitgaven waarvoor een vergoeding wordt ontvangen. De kosten moeten namelijk drukken op de belastingplichtige zelf of diens partner. |
| · |
uitgaven die op grond van wettelijke bepalingen zijn uitgesloten van aftrek: |
| |
- |
levensonderhoud: huisvesting, voedsel, drank, genotmiddelen en kleding |
| |
- |
werk- en studeerruimten, waaronder ook de inrichting daarvan |
| |
- |
reis- en verblijfskosten, waaronder excursies en studiereizen. |
partnerregeling
De kosten voor een opleiding of studie worden in aanmerking genomen bij belastingplichtige zelf. Dit geldt ook wanneer deze uitgaven betaald worden door diens partner.
Sinds invoering van de Wet inkomstenbelasting 2001 kan de belastingplichtige en diens partner zelf kiezen bij wie en voor welk bedrag zij hun gezamenlijke scholingsuitgaven in aftrek brengen.
De mogelijkheid om scholingsuitgaven willekeurig te verdelen is voorbehouden aan partners die voldoen aan de definitie van het partnerbegrip in de Wet Inkomstenbelasting 2001. De echtgeno(o)t(e) en de geregistreerde partner worden van rechtswege (automatisch) aangemerkt als fiscaal partner voor de inkomstenbelasting.
drempel en maximum
Scholingsuitgaven komen pas feitelijk in aftrek voorzover zij meer bedragen dan € 500,- per persoon. Meestal geldt een maximaal aftrekbedrag van € 15.000,-.
verrekening
Scholingsuitgaven kunnen dus onder voorwaarden (gedeeltelijk) in aftrek worden gebracht. De aftrek vindt in 1e instantie plaats in box I (aftrek tegen progressief tarief dat kan oplopen tot 52%). De aftrek mag echter niet leiden tot een negatief inkomen in box I.
Het kan voorkomen dat in een bepaald kalenderjaar het belastbaar inkomen in box I onvoldoende is om alle scholingsuitgaven in aftrek te brengen. In dat geval mag het restant in mindering worden gebracht op het belastbaar inkomen in box III (aftrek tegen een vast tarief van 30%).
Indien daarna nog een bedrag onverrekenbaar blijft, mag het restant in mindering worden gebracht op het belastbaar inkomen in box II (aftrek tegen een vast tarief van 25%).
Wanneer in een kalenderjaar het belastbaar inkomen van de drie boxen onvoldoende is om het totaal aan scholingsuitgaven in aftrek te brengen, kan tenslotte het onverrekende deel in mindering worden gebracht op inkomens van de volgende acht jaren. |
|
© the human academy bv. All rights reserved 2012
commotional psychology |
workshops |
professional |
workforce |
personal | retraite zweden | sitemap
|
|